Spetters

Zeer slechte kritieken, een actiegroep (Nederlandse Anti Spetters Actie), een heftige confrontatie bij Sonja, maar wel meer dan een miljoen bezoekers. Het publiek wilde natuurlijk wel weten waar al die ophef om te doen was. In de bioscoop heb ik hem nooit gezien, maar wel al vroeg op tv of via de video. Jongeren, actie, snelheid, onverbloemde seks, geweld, maar ook een schokkend en treurig einde, dat er bij mij best inhakte. Natuurlijk was ik onder de indruk. Ik heb de film later nog vele malen gezien, net als de andere films van Paul Verhoeven, die toch wel mijn favoriete Nederlandse regisseur is.

32 jaar later krijg ik eindelijk de kans om de film in volle glorie op het grote witte doek te zien. Spetters is namelijk gerestaureerd en de volledige versie beleeft zijn wedergeboorte in Eye te Amsterdam in aanwezigheid van een aantal mensen die bij het maken van de film betrokken waren. Paul Verhoeven kan natuurlijk niet ontbreken, nietwaar ;-) . Daarnaast schrijver Gerard Soeteman, producent Joop van den Ende, die financieel heeft meegeholpen met de restauratie, acteurs Renée Soutendijk, Toon Agterberg, Maarten Spanjer, Marianne Boyer…  Ze zitten toevallig allemaal op de gereserveerde rij achter ons.

Eerst een korte hulde aan alle aanwezige betrokkenen en het applaus dat 32 jaar geleden al verdiend was. Of we na de film nog even blijven zitten, want dan wordt iedereen nogmaals in het zonnetje gezet. Ik zie de bloemen al klaar staan. Daarna een afsluiting met een drankje en een kroket, geheel in stijl met de film, zo wordt ons medegedeeld. Dan volgt een introductie door iemand van Eye die zich met het herstel van de film heeft bezig gehouden. Een mooi verhaal over de geschiedenis van de film die zijn tijd vooruit was, de kritiek van de pers – één van de redenen voor Verhoeven om de stap naar Amerika te zetten – en ook de zoektocht naar een originele print van de film (die in Engeland lag en niet zo maar vrij werd gegeven) om de best mogelijke en vooral ook volledige versie in handen te krijgen. Een versie die ik nog nooit heb gezien, zal blijken.

De diashow op de achtergrond met lobbycards van de film stopt, het wordt langzaam donker en de show kan beginnen. Terug naar 1980 is een trip down memory lane. Je wordt geconfronteerd met allerlei dingen die er gewoonweg niet meer zijn. Met dank aan Datsun staat er te lezen op de openingstitels; de Simca waar de hoofdpersoon zich in voortbeweegt; Bliv handzeep in die typische verpakking die van de aardbodem – inclusief internet – is verdwenen en alleen nog onder de naam Bliw is te vinden, zo’n ouderwets prijspistool met dat lekkere klikgeluid, een kassa waar je nog alle prijzen op grote knoppen in moest drukken, de wegenwacht die in de gele Renault 5 rondreed, de tijd dat je nog dik 9% rente kreeg op je spaarrekening, dat Heineken bierkratjes nog geel waren en dat drie pakjes Camel en twee zakken pinda’s met een briefje van tien gulden werden betaald. Blauwe briefjes van tien, rode van vijfentwintig, bruine van honderd en groene van duizend. Het gulden tijdperk. Het komt allemaal voorbij in deze film. “Those were the days” hoor ik iemand op de gasten rij achter me zeggen.

Een film die naast de nodige nostalgie toch nog steeds boeiend en onderhoudend is. Het tempo is nog snel genoeg, de actie spettert van het doek, zeker bij de dynamisch gefilmde motorcross wedstrijden, maar vooral valt weer op wat een begenadigd filmmaker Paul Verhoeven is, zeker op het visuele vlak. Het prachtige shot van onder een hoge stapel troep in de metrogang, als Eef een bende probeert te ontvluchten, een duik neemt onder die stapel, waar de camera al is en zijn gezicht van dichtbij in beeld krijgt, waarna hij bij zijn benen wordt gepakt en terug wordt getrokken, van de camera weg. Of het prachtige overzichtsshot als Rien in zijn rolstoel weg rijdt van Maya die net op hem af stapt. Een shot dat Verhoeven nog eens toepast bij de huldiging van Gerrit Witkmap en Rien beseft dat hij daar niets te zoeken heeft en rechtsomdraai maakt om van de menigte weg te rijden. Een shot waarvan ik me afvraag of het geluk was, of zo uitgekiend, als Rien in de kerkelijke tent onder invloed van het woord Gods langzaam uit zijn rolstoel omhoog komt en er een aureool van licht verschijnt.

Toch boeit ook het onderwerp, de tijdsgeest, het gegeven dat je leven af kan hangen door iets ordinairs als een zak schillen en de platte en rauwe realiteit die men eigenlijk liever niet wilde zien toentertijd. En de seks? In de versie die ik ken was die al redelijk openlijk en realistisch. In deze originele versie zijn er (in ieder geval) twee scènes die nog een stuk explicieter zijn. Het gaat om de scène waarin een jonge man een homo voor geld bevredigd in de metrogang. Het pijpen wordt volledig getoond. Daarna nog een stuk waarin Eef dus wordt gepakt door een bende homo’s. Als degene die op Barry Gibb lijkt aan de beurt is, haalt hij zijn enorme piemel te voorschijn. Iets dat je in de gecensureerde versie volgens mij niet ziet.

Zeker wat de explicietheid van de seks betreft zijn tijd ver vooruit dus. Het heeft nog jaren geduurd voordat men accepteerde dat dit in (kunstzinnige) speelfilms voor kan komen, waarbij Lars Von Trier met zijn Idiots (1998) de deur verder open zette.

Na afloop komen alle sterren nog even stralen op het podium. Joop van den Ende krijgt officieel de eerste Blu-ray van Spetters (met oerlelijke hoes) uitgereikt. Toch gek dat ik die schijf gisteren al in winkel zag liggen. Paul’s mening wordt gevraagd over de kleur van de film. De kleur is prachtig, maar aan het geluid valt nog te sleutelen, antwoordt hij gevat. Dit is niet aan dovemans oren gericht want ik hoor instemmende geluiden om mij heen van mensen die – net als ik – af en toe met de vingers in de oren zaten, omdat het geluid veel te luid en schel was. Het excuus van Eye is dat dit een zaal is met de meest moderne apparatuur die kennelijk het mono-geluid niet aan kan. Een punt waaraan gewerkt moet worden. Tsja, ze hadden het geluid ook gewoon wat zachter kunnen zetten, of beter nog, de film even proef draaien en het geluid dan zo goed mogelijk afstemmen. En waarom werd het naar het einde toe steeds erger? Er komen nog vragen uit het publiek.  Op de vraag van iemand van het blad Moto 74 of ze motorrijlessen hebben gevolgd wordt bevestigend geantwoord. Verder zit er zit nog een persoon in de zaal die de rol van Hans (Maarten Spanjer) uiteindelijk niet kreeg en alsnog even in de aandacht wil vragen zonder met een vraag te komen. Gerard Soeteman staat nog even stil bij de hoofdpersoon van de film, die niet meer onder ons is en wat een talent die jongen was en wat we daar aan moeten missen. Hans van Tongeren pleegde zelfmoord in 1982, op 27-jarige leeftijd.  Als er geen tijd meer is pakt Paul Verhoeven zelf maar even de microfoon om iemand in het middelpunt van de belangstelling te brengen, die nog niet de aandacht heeft gekregen die haar vanavond toekomt: Renée Soutendijk. Een luid applaus volgt.

Daarna wordt de adel (polsbandje en rechterdeur) weer van het voetvolk gescheiden (geen polsbandje linkerdeur) en zullen de drankjes en kroketten aan onze neus voorbij gaan. Niet erg, want “het leven is als een kroket, als je weet wat er in zit hoef je ‘m niet meer”. Ik hoop voor de gasten dat ze geen glimmende vacht en vochtige neus krijgen.

The Avengers

Avengers assemble. Avengers dispute. Avengers kick ass.

Dat zou de film mooi samenvatten. Van Loki komt de dreiging die bestreden moet worden. Een God met grootheidswaanzin (kan dat?) en vooral veel family issues. Daar is de gewone sterveling niet tegenop gewassen. Het wordt dus tijd dat een geheim project onder leiding van Nick Fury (S.H.I.E.L.D.) wordt opgestart: The Avengers. Het idee om superhelden – die eigenlijk onderling niet eens zo veel met elkaar op hebben – samen te brengen in één team om in noodgevallen (als deze) een sterke vuist te kunnen maken. De rustige aanloop begint. Het verzamelen van de eigenzinnige individuen. Iron Man, Black Widow, Hulk, Captain America, Thor, Hawkeye… Een aardige introductie, waarbij duidelijk wordt dat de meesten toch vooral met hun eigen sores bezig zijn en dit op hun eigen manier op willen lossen. Dispute. Maar, ‘when the shit hits the fan’ komen ze natuurlijk tot het inzicht dat ze samen sterker zijn, elkaar aanvullen en de vijand mogelijk kunnen verslaan. Kick ass.

Ik had van tevoren grote twijfels of deze verzameling van grote persoonlijkheden wel tot één samenhangend geheel gekneed kon worden. Dat is wonderwel geslaagd. Juist door het verhaal zeer simpel te houden kan ieders eigen identiteit aandacht krijgen en zowel behouden worden als ten dienste staan aan een groter geheel. Dat levert leuke confrontaties op tussen zowel de helden onderling als tussen de wrekers en Loki met zijn leger uit het heelal. Naast de voortreffelijke eye-candy in het ultieme gevecht (waarbij je nauwelijks tijd hebt om je af te vragen waarom wezens met hogere intelligentie toch met zulke basale aanvalstechnieken en wapens de mensheid dwars moeten zitten) zit de film vol met zeer geslaagde humor van vooral de altijd droogkomische Tony Stark die met zijn supergave high tech pak de show meerdere malen steelt. Een andere, zeer grote verrassing voor mij is de Hulk. In zowel de film van Ang Lee als Louis Leternier was het gedrocht nooit dat wat het moest zijn om te overtuigen. Zowel de afmeting als zijn uiterlijk waren gevoelsmatig niet in orde. Nu is het dan eindelijk voor de bakker. Goeie afmeting, goeie kop en één brok ongecontroleerde explosieve kracht die ook nog eens twee van de beste grappoen van de film heeft. Hulde!

Dit smaakt naar meer. Er zijn mogelijkheden genoeg. Dat meer gaat ook komen, dat staat al vast. Hopelijk zetten ze het voort op deze overtuigende manier.

 

Ps. Toch kwam het leukste 3D fragment van de avond uit de korte trailer van Dispicable Me, die volgend jaar in de bioscoop te zien zal zijn.

The Cabin In The Woods

Het bloed stroomt… Ik kan het niet laten en loop door de regen met gezwinde pas richting de Munt om daar na mijn laatste Imagine film het veel geprezen The Cabin In The Woods te gaan kijken. Als ik een kaartje heb gekocht heb ik nog even de tijd om de inwendige mens te versterken. Ik loop het theater uit, steekt mijn plu op en verbaas mij over het feit dat drie mensen van me verwijderd iemand onder precies dezelfde plu loopt als ik. Een paarse (dure) inklapplu die ik uit de kast heb getrokken nadat mijn andere het heeft begeven enkele dagen terug. Wat een toeval. Dan kijkt het meisje onder het regenscherm om. Ik ken haar! Het is het meisje van de snackbar uit mijn woonplaats. What are the odds…

Ik las in een recensie dat je het beste meteen kunt stoppen met lezen omdat de verrassing dan nog groter is. Maar ik neem aan dat als je dit leest, je juist meer wilt weten, anders zoek je dit niet op. Daarbij is het allemaal lang niet zo verrassend als men je wil doen geloven. Ik ga niet zozeer spoilers geven maar wel aanwijzingen die je in de film al binnen de eerste paar minuten krijgt en die voor de oplettende en getrainde kijker een simpele optelsom zouden moeten zijn. Een som die ik in ieder  geval snel had gemaakt. Nogmaals, lees maar niet verder als je niet op je hoede de bioscoop in wilt gaan.

De eerste aanwijzing is waar de film mee begint, voordat de titel in beeld komt. De mensen, de plek en conversatie scheppen een idee. Dan de voortitels, waarin er alweer een clou wordt weggegeven. Daarna begint het standaard verhaal waar de filmtitel zijn zogenaamd misleidende uitgangspunt kan uitwerken. Daarmee heb je de drie onderdelen van wat de film te bieden gaat hebben aan verrassingen. Dus ja, verrassend als je niet goed oplet.

De vernieuwende insteek zit hem in het feit dat schrijver Josh Whedon verschillende, genreoverstijgende elementen bij elkaar in een blender doet. Maar die elementen zijn op zichzelf niet nieuw.

Dit betekent overigens niet dat ik de film niet goed vind. Ik heb het alleen over het element van verrassing gehad, dat mij in ieder geval wat tegen valt. Want voor de rest heb ik me goed vermaakt, met het originele gegeven, met zowel de clichés als spitsvondigheden in het script, de humor, een goed gekozen schrikmoment, het bloedbad… Met de algehele spanning was het wat minder. Dat komt door het gebrek aan betrokkenheid met de personages – daarvoor zijn ze veel te plat – en de keuze om te schakelen tijdens spannende momenten.

Dat ‘geen horrorfilm hierna nog dezelfde zal zijn’ is een loze uitspraak. Dat het een injectie kan zijn ter bevordering van originaliteit hoop ik van harte.

Carré Blanc

De laatste film die ik dit festival zal zien. Een ellendige zit wordt het.

De artistieke aanpak pakt me totaal niet. Waar kan dat aan liggen? Waar de lang aangehouden shots van Dernière Séance broeien van spanning, laten de opnames in dit witte vierkant me koud. Een 1984-achtige wereld, maar dan uitgeblust en suf. Hoewel de relatie tussen een man en vrouw centraal staat, met een op zich vrij banaal gegeven overigens, wordt deze niet echt uitgediept. Daarbij kent de nieuwe wereld een tegenstelling die ik niet begrijp. Het leven volgens de norm wordt geëist, maar degenen die de zorgen  op naleving er van verwachten dat mensen juist ‘out of the carré blanc’ denken.

Wat willen ze nu eigenlijk?

Het kan me niet veel schelen. Als de toekomst net zo hopeloos is als deze film, geef me dan meteen een touw.

Na afloop zijn er een paar mensen die applaudisseren. Zijn ze blij dat de film is afgelopen? Dit is waarschijnlijk een film die het publiek in tegenpolen verdeelt, waarbij ik dan aan de negatieve zijde zit.

Stemoordeel: hopeloos

The Incident

Stress en een mes zijn geen goede combinatie. Een paar weken geleden ben ik te gehaast als ik een kipfilet ontleedt. Ik snijd een flink stuk van de top van mijn vinger er helemaal af. Au. Het bloedt flink, onder de kraan er mee, wondpoeder en pleister er op. Au. Maar de gedachte is eigenlijk erger dan de werkelijke pijn, op dat moment althans, want als ik die avond de pleister los moet weken omdat hij toch een beetje vast zit aan de open wond gaat dat door merg en been.

George let ook even niet op, en voordat hij er erg in heeft zit het rundvlees onder het bloed en volgt hij mijn voorbeeld met de vinger onder de kraan. Het vlees is bedoeld voor de bewoners van de psychiatrische gevangenis waar hij voor werkt. Samen met drie vrienden bereidt hij dagelijks hun eten om het vanachter beveiligd glas uit te delen aan de gekken. Een slimme zet om ze één voor één langs het raam te laten komen, zodat we meteen zien wat voor – uhm – vlees er in de kuip zit. Dat gaat van vreemd via kinds naar zeer agressief.

George heeft na een laat concert weer een vroege dienst. Het leven zit niet mee, maar het kan alleen maar erger worden natuurlijk. Door een storm valt alle elektriciteit uit. Het is het moment waarop de gevangenen hebben gewacht. Het duurt dan ook niet lang voordat ‘the lunatics have taken over the asylum’.

De film kent een goede opbouw. Suggestie en loze alarmen in het begin doen je hunkeren naar meer. En meer komt er, in toenemende dosis die ook steeds akeliger worden. De vijf vóór de film nog vrolijk kakelende jonge meiden (studenten?) twee rijen voor me, zitten nu helemaal weggedoken in hun stoel.

“Putain, quelle merde” staat er te lezen in de Franse ondertitels die af en toe nog afleiden. Maar een ouderwets lekkere horror/thriller is het, hoewel dat einde niet zo had gehoeven.

Stemoordeel: Goed

Love

Voor mij zitten een vrouw en een man. Er komen twee andere mannen aan en die willen naar de plek naast haar, waardoor ze moeten passeren. “Ik doe heel voorzichtig”, zegt de laatste man tegen de vrouw die hij passeert. “Het gangpad is breed hoor”, antwoordt zij. “Maar ik ben ook breed”, grapt de man. “Dat had ik zo niet ingeschat”is haar gevatte antwoord. “Het is ook maar een illusie”, revancheert de man zich, “het komt voornamelijk door de jas. We leven in een schijnwereld”. Fantastische gesprekken tussen twee vreemden tijdens het Imagine Film Festival in Amsterdam.

Maar het is ook eigenlijk een schijnwereld, die steeds groter wordt. Denk eens aan alle virtuele vrienden die je misschien hebt. Denk eens aan het feit dat je jezelf buiten sluit als je er niet aan mee doet. Ik heb mij tot nu toe bewust buitengesloten. Eergisteren heb ik dan toch een account aangemaakt op gezichtboek, omdat ik een reactie wilde sturen naar een filmmaker en om aandacht te kunnen vestigen op  mijn weblog. De eerste reden is een soort noodzaak dan, een andere manier om in contact te komen was er niet (let op de monopoly van het medium), waarbij de tweede reden, een totaal verkeerde trouwens, me over de streep trok om het toch te doen. Na een dag of drie denk ik er al weer over om de account te deleten. Ik speel het spel niet volgens de regels. De uitwisseling van informatie is erg oppervlakkig. Het is misschien handig als snel communicatiemiddel tussen (echte) vrienden. Maar van ‘snel’ heb ik mij juist een beetje afgewend. En om het nu in stand te houden om mijn weblog te promoten is eigenlijk ook wat triest. Terug naar gekozen isolement?

Het isolement waarin astronaut Lee James Miller in 2039 verkeerd is helemaal niet zelf verkozen. Communicatie met aarde is verdwenen. Via totaal isolement, het gebrek aan sociale interactie, lijkt hij zijn realiteitszin te verliezen. Dan komen er stemmen in zijn hoofd, gaat hij praten tegen zichzelf, om een vorm van communicatie te behouden. Hij bouwt geen nieuwe ervaringen op en krijgt visite van herinneringen. Lee legt zich er op een gegeven moment bij neer dat niet alles zal worden verklaard, dat er mysteries blijven bestaan.

Love is visueel indrukwekkend. Maar deze filosofische film is vooral poëtisch, introspectief,met de nadruk op ‘the spaces in between’ die je laten nadenken over (de zin van) het leven. Een licht hallucinerende ervaring, maar uiterst boeiend. Een film waarin je als kijker tot dezelfde conclusie moet komen als de astronaut, waarbij je niet langer gefocust bent op antwoorden, maar je over geeft aan de indrukken van de reis.

Stemoordeel: Goed

Comforting Skin

Je hebt van die mooie gezegdes. “Beauty is in the eye of the beholder”. Maar wat als niemand kijkt? “Beauty is only skin deep”. Maar het is wel het eerste dat je ziet en kan bepalend zijn voor een contact. Die huid is te verfraaien, door make-up, of rigoureuzer, een tatoeage. Het lijkt een goede optie voor Koffie, die het gevoel heeft dat niemand haar ziet staan. “What’s wrong with me?”, vraagt ze zich af. Haar zelfbeeld en zelfvertrouwen zijn beneden peil, maar die tattoo zorgt voor een verandering. Ze voelt zich zekerder. Of denkt ze dat? Ze begint te flippen. De tatoeage begint te leven, stroomt over haar lijf en spreekt tegen haar. Na initiële angstgevoelens geeft ze er uiteindelijk aan toe, omdat het haar geeft waar ze al zo lang naar zat te hunkeren. Maar de stemmen in haar hoofd worden steeds dwingender.

De film intrigeert, door fantastisch spel van hoofdrolspeelster Victoria Bidewell, die zich – cliché, maar waar – letterlijk en figuurlijk helemaal bloot geeft, alsook Tygh Runyan als haar flatmate, die als tegenpool juist beheersing en een vreemd soort ‘coolness’ uitstraalt. De dialogen zijn ook goed geschreven. Probleem is echter dat de plaat ergens halverwege een beetje blijft hangen. Dat vergt wat van je doorzettingsvermogen, maar het heeft uiteindelijk wel zijn doel. Het geeft body aan een proces dat tijd nodig heeft. De afdaling in de donkerste diepten van Koffie’s psyche eindigt met een actie die daardoor pijnlijker is om naar te kijken dan welk splattereffect uit Inbred dan ook.

Ik vraag me af of vroegtijdige zaal verlaters mogen stemmen. Mijn stem was negatiever geweest als ik niet was blijven zitten.

Stemoordeel: goed

Ps. Een soortgelijk thema, maar dan zonder het fantastische element, werd fascinerend verfilmd door Marina de Van. Het is de film Dans Ma Peau met één van de meest pijnlijke zelfverminking scènes die ik ken.

Inbred

“Het eerste half uur is bedoeld voor de karakterontwikkeling” zou regisseur Alex Chandon het publiek tijdens de N.O.T. hebben medegedeeld. Geen idee of het ironisch bedoeld was, maar een schaterende lach was het gevolg van deze uitspraak, naar ik heb vernomen. Hij is samen met de Duitse producent Yazid Benfeghoul (onbekend van het horrorfestival met de prachtige naam Splatterday Night Fever) ook bij deze voorstelling aanwezig om de film heel kort te introduceren. Alex’s eerste film Cradle Of Fear (met Dani Filth van de band Cradle Of Filth) heb ik toevallig in de kast staan. Hij zegt dat hij een enorme genre fan is en deze film is gemaakt voor fans als hij, als wij.

De eerste scène hakt (pun intended) er direct goed in. “Sodemieters!” roept een oude man – die bij Vampire  ook al naast me zat – luidkeels uit. “Dat is iets anders dan de film van daarnet”, voegt hij er aan toe. En zo is het. Het is splattertime, tenminste, als we het eerste half uur karakteropbouw (ahum) achter de rug hebben.

Twee sociaal werkers rijden in een bus met vier probleemtieners naar een gehucht om met het verstand op landelijk een positieve groepservaring op te doen. De locale kinderen die een levende vogelverschrikker in de wei mishandelen, de naam van het gehucht (Mortlake) en diens kroeg (The Dirty Hole) en de ‘ramshackle shithole’ van een huis dat ze op moeten knappen zouden de meesten al doen omdraaien, maar ja, dan hadden we geen horror film gehad. De aanvaring met de lokalen uit de titel is een kwestie van wachten. En dan te bedenken dat ze geen eens een verkeerde afslag (pun intended) hebben genomen.

Totally over the top. Het acteren, de make-up en gelukkig ook de gore. Het is Grand Guignol, het is een freakshow met onvrijwilligers. Maar het is helaas niet meer dan één lange aaneenschakeling van eerbetonen aan (scènes uit) ontelbare films die Alex Chandon zo bewondert. Dat is toch te weinig om een goede film af te leveren. Daarbij is het een olijke freakshow, zo eentje waar ik niet zo van hou. Geef mij maar serieuze grimmigheid in plaats van een halve lach. Want waar is nu de horror eigenlijk?

Mijn maag begint ondertussen te knorren van de heerlijke luchten die hun weg vinden vanuit de keuken naar Kriterion 3. Kennelijk is de afvoer niet helemaal ‘comme il faut’.

Als de film voorbij is loopt de zaal leeg, ook al was er een Q&A gepland. Jan Doense en Alex Chandon rennen net te laat binnen, maar een kort vraaggesprek vindt alsnog plaats voor het handjevol achterblijvers. Er wordt nog wat verteld over het idioot lage budget, de toepassing van special effects (die er overigens goed uitzien) en het filmen in de Yorkshire Dales, waar de lokale en ietwat inteelt bevolking maar al te graag hielp bij het maken van de film. Alex heeft nog twee shirts van de film voor diegene die met de beste reden komt om dat shirt te dragen. Helaas reageren maar twee mensen en de tijd dringt want de volgende film gaat beginnen. Een beetje sneu voor iemand die het genre op zich zo’n warm hart toedraagt. De volgende keer toch liever een eigen koers, een eigen gezicht en originaliteit graag.

Stemoordeel: slecht

Vampire

De dagelijkse route naar het festival. Bepaalde zaken gaan opvallen, als je ze elke dag weer tegen komt. Een fiets versierd met fleurig plakplastic, vastgeklonken aan het hek van hotel Amrâth; de kapotte neonletters van het drijvende Chinese restaurant Sea Palace, waardoor woord ‘aura’ oplicht; Rapenburg, de misschien wel drukst met fietsen beparkeerde straat van Amsterdam; de Hollywood ster in de stoep voor het ‘film & photography’ bedrijf bedrukt met hun naam hazazaH; een varken dat me aanstaart vanaf een sticker met de tekst “wat eet jij vanavond?”… Maar ook eenmalige zaken, zoals een bankje aan het water waar een eenzame toerist high wordt; een mini parkje, waar de ene dag een man in het vochtige gras buikspieroefeningen doet en de volgende dag een vrouw foto’s neemt van een stel dat zich opstelt met de gezichten tussen de lange takken van een wilg; een handjevol schilders die met grote doeken aan de gang zijn om het uitzicht vanaf de Latjesbrug te vereeuwigen.

Nog twee dagen deze route. Nog twee dagen festival voor mij. Toevallig zijn alle zes de films in dezelfde zaal. Een voordeel, omdat je dan niet bang hoeft te zijn dat je te laat komt voor een film in een andere zaal, hoewel het tot nu toe goed gaat dit jaar, tenzij er een zaalwisseling is natuurlijk. Ach, genoeg geluld, het gaat beginnen: “bekijk het leven op de Syfy manier”…

Al na een minuut of tien verlaten de eerste mensen de zaal bij de voorstelling van Vampire. Komt dat omdat het zo traag is, niet erg boeiend, of omdat er nèt een opzichtig artistiek trucje wordt toegepast (het beeld is 90 graden gedraaid) dat totaal geen reden, betekenis of inhoud heeft? Het zou kunnen. Ik loop niet zo gauw weg, eigenlijk nooit, want je kunt het pas echt beoordelen als je de hele zit hebt gehad en mijn huidige oordeel kan nog wijzigen.

Het idee is niet slecht. Een man (Simon) die bloed drinkt selecteert zijn (gewillige) slachtoffers via een website sidebycide.com, waar mensen die het niet meer zien zitten elkaar treffen. In een suicide-pact haalt hij ze over om zijn methode te volgen door al het bloed uit hun lichaam af te tappen. Hij helpt de persoon in kwestie dan om het daarna bij zichzelf te doen. Dat laatste gebeurt natuurlijk nooit, want zodra het slachtoffer de pijp uit is, zet hij de fles aan de mond voor een teug bloed.

Dit is de basis. De film is lang. We zien Simon’s moeder, die Alzheimer heeft en opgesloten zit in een kamer met grote heliumballonnen aan zich vast. We zien Simon lesgeven als biologieleraar, hij maakt ongewild vrienden die zich met leven bemoeien, hij bezoekt freaky soirees waar hij helemaal niets te zoeken heeft. Er spreekt een tweestrijd uit, die pas later duidelijker wordt. Steeds meer gaat het verhaal met het idee aan de haal en wordt je moe van de pseudo psychobabble. Daarbij zijn enkele  dingen die niet helemaal lijken te kloppen, of waarvan de geloofwaardigheid op de proef wordt gesteld. Alles is in het voordeel van de film uit te leggen, omdat alles enorm vaag wordt gehouden, waarmee misschien wel het grootste bezwaar naar voren komt: het is zo ongelooflijk vlak allemaal.

Mijns inziens had deze film met een stevige herschrijving van het script in compactere vorm wel de indruk kunnen achter laten die ze nu zo jammerlijk aan zich voorbij laat gaan. Ik twijfel naar het einde toe nog over een laffe ‘zozo’ stem, maar als er iemand wat balletpassen gaat doen op een vriezer scheur ik toch maar anders in.

Stemoordeel: slecht

Ps. Ik weet nu wel wie er in die stoel van de Imagine poster uit 2009 zat ;-) .

[REC]³ Génesis

De verrassingsfilm die geen verrassing meer was omdat de film ook al onderdeel is van de N.O.T. en dat zou niet zo aardig zijn richting de mensen die dan misschien een kaartje kopen voor een film die ze al hebben gezien.

In het begin van de film lijkt deze trouw te blijven aan de originele opzet met opnames van videocamera’s. En waar beter en meer mogelijkheden dan op een bruiloft! Daar wordt dan ook door diverse personen in alle vrolijkheid gefilmd. De inzegening van het huwelijk in de kerk, de grandioze receptie in de buitenlucht en het swingende feest in de avond. Zeer realistisch, zoals dat gaat met een vreselijk liedje van de bruidegom, steeds meer dronken wordende familie die niets zinnigs zeggen in de camera en een oom die zijn door een hond gebeten hand laat zien. Aha!

De vraag is dus niet of, maar wanneer het zombiespektakel van start gaat. Maar oompje, wat doet u nu? Bruid en bruidegom raken van elkaar gescheiden en die moeten natuurlijk herenigd worden. This time it’s all in the family. Nu kan het feest pas echt beginnen.

Na een flinke tijd schakelt de film via een slimmigheidje van het videogegeven over op een normale film, om alle zombie acties in volle glorie vast te leggen. Met de intensiteit van de zombies en het daarmee gepaard gaande geluid zit het weer snor. Daarbij is er dit keer ook wat humor toegevoegd.

Het is prijzenswaardig dat de makers iets nieuws proberen en niet blijven steken in een letterlijke herhaling. Zo briljant als het debuut zal het nooit meer worden, maar deze derde in de serie is weer beter dan de voorganger. Want een lekkere zombiefilm is het zeker. Met een flinke portie splatter, een aantal goede schrikmomenten, een knallend einde en een bruid met een kettingzaag is namelijk niets mis.

Hoewel ik deze film het liefste een beoordeling zou geven tussen goed en zeer goed, is dat niet mogelijk en scheur ik onderstaande in omdat ik me heerlijk heb vermaakt bij dit ouderwets lekkere horrorspektakel.

Stemoordeel: zeer goed